Tag: corona

Yoga en Istanbul

“I let go of fears and open my heart. Start journaling. Let the words come out on the paper. Write down your fears and let them go.” 8:23 Brett Larkin zit, just for fun, met haar benen in een spagaat in haar dagboek te schrijven op het youtube filmpje. Dit keer een lange les van een half uur. Thema van deze dag was ‘heart opening’. Terwijl ze moeilijke posities aanneemt en gewoon doorpraat, probeerde ik het tempo bij te houden. Ik moest er niet aan denken ook nog te praten in de kamelen houding. Het is een klassieker, kreunen en steunen en yogajuf die alles moeiteloos voor doet. 

Sinds twee weken deed ik iedere ochtend yoga, deze keer wilde ik een langere sessie, ik koos er een van een half uur, maar ja als je vijf minuten in je dagboek moet schrijven valt daar alweer een deel vanaf. Ok, mijn angsten, wat zijn mijn angsten? Op dit moment heel praktisch, dat we dit jaar niet af kunnen maken. Dat we door gezondheidsproblemen naar Nederland moesten. Door een gek virus bijvoorbeeld, of een hernia, mijn rug wilde maar niet beter worden, ondanks de dagelijks yoga. Roy had al sinds een maand iets in zijn oog wat maar blijft irriteren. “Stop journaling and close your eyes.”

Ik maakte mijn yogasessie af en at met Roy buiten voor de camper een gebakken ei met spek, tomaat en kaas. We gingen ieder ons weg, Roy ging verder met het herstelwerk van het houten huis en ik zou een consult hebben, wat uiteindelijk niet door ging en verplaatst werd naar de middag. Na nog een uurtje aan een website te hebben gewerkt en wat emails verwerken, was het alweer tijd voor lunch.

De middag vloog voorbij met huishoudelijk werk, ik knipte en passant nog even mijn haar, haalde daarna de stofzuiger door de camper en we streken samen met Lenny in het namiddag zonnetje neer met een drankje, olijven, kaas en cashewnoten.

Na het eten kreeg ik zin om weg te gaan, maar ik ben op de omgeving uitgekeken. Ik voelde me even ontevreden, altijd maar datzelfde uitzicht. Dezelfde mensen, dezelfde dieren. Hoe lang moest dit nog duren. Ik installeerde me met thee, maiswafels met boter en jam op de bank en dook in een slechte Turkse serie die zich afspeelde in Istanbul. Waardoor ik dan toch even weg was.

Ik wilde rijden! Ik wilde dat doen, waar we voor op pad waren gegaan…

Houd je rug recht!

Fragment uit “Waar gaat dat heen?”

De dagen glijden voorbij, ik begin de tel kwijt te raken. Zou het door de zon komen? De laatste drie dagen is het ineens zomer in april. Vierentwintig graden, blauwe hemel en alles is anders, meer ontspannen, langzamer en we krijgen een vakantiegevoel over ons. Doordat het nu wat warmer is in de ochtend, de thermometer geeft bij het opstaan vijf graden warmer aan, zeker al tien graden, hoeven we de kachel niet meer aan te doen. Ik laat mijn krakkemikkige lijf uit de alkoof glijden en doe eindelijk dat wat ik me al maanden voorneem, de ochtend beginnen met yoga, want o,o,o, wat ben ik stijf! Waarom heeft niemand me verteld dat je, als je vijftig wordt, je van de ene op de andere dag van die stramheid krijgt? Ik had nooit ergens last van, totdat ik vorig jaar door mijn rug ging, die rug doet nu iedere dag pijn, en als ik opsta kan ik zelfs mijn sokken haast niet aandoen omdat ik mijn rug moet buigen. De pijn in mijn knie die ik kreeg toen ik een paar maanden terug ging twee uur ging fietsen is gelukkig weg, maar dat komt ook doordat ik nu al nauwelijks gefietst heb afgelopen maand. Het laatste, en dan hou ik er over op, wat ik had voordat we weg gingen was pijn in mijn hart als ik langer dan tien minuten heel hard fietste. Dat doe ik ook niet meer, dus ook geen last meer van gehad.

Maar ja, allemaal tekenen van: Ja, mevrouw, moet u ook niet zo lang op de bank zitten met die computer van u. Ik vond het afgelopen maanden te koud om iets van yoga te doen, in de camper kan het niet en buiten of in de onverwarmde gite was het niet te doen.

Nu wordt ik wakker, drink een glas water, zeg goeiemorgen tegen de paarden tegenover de camper, leg mijn yogamat in het met paardenbloemen bezaaide gras. De paardenbloemen zijn nog niet wakker als ik begin met de yoga, twintig minuten later, zijn de bloemblaadjes net als mijn lichaam ontvouwt. Zij en ik kunnen weer stralen. Alsof ik een bloem ben en we samen ons klaarmaken voor een zonnige dag. Het enige verschil is dat de paardenbloemen na een paar dagen verworden zijn tot pluis en zij zich mee laten varen door de wind en ik de wind aan me voorbij moet laten gaan. Dat ligt niet aan mij, maar aan Macron, of aan koningin Corona. 

Bagel waakt over u

Bagel, de beagle….ofwel een waakzame beagle die ‘s nachts zijn ronde doet. Sinds de lockdown, ik weet ook niet waarom, is Bagel, de hond van La Caille, waakzamer dan voorheen. Soms denk ik dat ik ‘s nachts een buurhond hoor, en dat hij daar op reageert. Maar ik kan me dat ook verbeelden want de buurhond is ver weg. Sinds afgelopen week gaat Bagel om de nacht in de stal slapen zodat we om de nacht goed door kunnen slapen. De andere nachten is hij buiten om de dieren te beschermen tegen de vossen. Dat doet hij heel goed, hij loopt patrouille rondjes over het terrein en blaft, of meer jankt er dan op los. Vannacht deed hij dat om 03:00 uur.Ik denk dat hij het een half uurtje heeft gedaan. Je hoort hem dan ver weg blaffen en binnen een minuut staat hij naast de camper : whoeoeoe! En weg is hij weer. Het went, maar echt fijn is het niet. Het is wel noodzakelijk, toen Bagel vorig jaar ziek was en een week binnen in huis was, zijn vader en moeder gans opgegeten. De drie kindergansjes waren toen wees. Nu lopen de drie, inmiddels volwassen, ganzen elke dag over het terrein. nog wel, maar als Bagel meerdere nachten achter elkaar binnen blijft, dan weet de vos natuurlijk ook dat hij/zij zijn slag kan slaan. Dus we accepteren maar dat de beveiliger hier wat herrie maakt ‘s nachts en slapen ‘s morgens een uurtje langer uit. Het is nu toch koud in de ochtend. Vannacht vroor het weer. Arme arme bloemen en blaadjes…De lissen stengels zijn al slap gaan hangen. 

Ik heb vandaag een werkafspraak voor een website die ik aan het maken ben voor Artedu.nl. Dit is een vrouw die in het zuiden van de Auvergne in Chanteuges, 5 km van Langeac, een klein hotel heeft met 8 kamers en die kunstzinnige en muzikale cursusweken organiseert. Dat doet ze al 30 jaar. We zouden met haar in Chanteuges afspreken als we hier op La Caille klaar zijn. Maar nu met de lockdown is het maar de vraag wanneer we daar heen gaan. Zij is nu in haar woonplaats Marken. Het is idee is dat ik de website maak, en dat we nu in het voorjaar een weekje samenwerken om te kijken of dit bevalt, zo ja, dan kan ik in juli en augustus 2 maanden voor haar koken. We zullen zien, we zullen zien.

Wat in ieder geval positief is dat veel onze vrienden en kennissen in Rotterdam werkzaam zijn in de kunst en cultuursector en dat veel van hen zzp’er zijn en dat zij nu zonder werk zitten. Wij zijn met een werkopdracht hier op La Caille, dus Roy verdient nu geld en mijn werk was al online en kan gewoon doorgaan. Wij missen dus nu geen werkzaamheden. We hoeven dus ook niet terug naar Nederland om daar de tijdelijke uitkering voor ZZP’ ers aan te vragen. Het is alleen even kijken of we half mei terug gaan, want dan staat er wel wat werk in Nederland te wachten. Als de restricties aanhouden, kunnen we beter hier blijven.

Er is hier nu meer werk dan in Rotterdam.

 

Aan het eind van de middag, als Roy genoeg heeft van het schilderen, lopen we naar L’Echoppe, de natuurvoedingswinkel. We lopen langs Lenny’s poppenatelier, richting de roulotte van Liese, ze kwam net naar buiten. “Gaan jullie wandelen? Waar gaan jullie heen?”

-We gaan naar L’Echoppe, nog wat eieren halen. “O, ik was me net aan het klaar maken om daar ook heen te gaan, even wachten, ik kom eraan.” L’Echoppe is een paar uur per dag open, vandaag van drie tot zes uur. Het is nu half vijf. De natuurvoedingswinkel is onderdeel van eco gemeenschap La Mhotte. Hier staan een aantal huizen, waaronder ook een aantal zelfgebouwde, best mooie. Er is een grote oude boerenschuur waar voorstellingen en concerten worden gegeven en films worden gedraaid. Tegenover de schuur ligt de winkel die wordt gerund door mensen uit de gemeenschap. Iedere vrijdagavond is de winkel open als bar, in de zomer is vaak op livemuziek van alternatieve jazzy muziek. Er is een overkapt terras en naast het terras is een klein stroompje met een bruggetje erover dat leidt naar een grasperkje met een kampvuur en een zelfgebouwd soort van meditatie of theehuisje op palen. Je kunt hier heerlijk bij het kampvuur zitten en genieten van de life muziek. Het is zomers best druk, mensen nemen hun kinderen mee, er wordt gespeeld, alles heel vriendelijk en gezellig. Op La Mhotte werken ieder jaar ook drie Duitse ‘eco volontaires’, via dezelfde organisatie als waarmee Laura op La Caille is gekomen. Het zijn bijna altijd meisjes, waarschijnlijk omdat er veel verzorgd moet worden en er veel in de natuur gewerkt wordt. Jongens zijn zeer welkom, maar die melden zich blijkbaar haast niet aan voor een jaar op het platteland. 

We lopen met Liese langs de mobilhome die achter haar roulotte licht en waar wij voorheen sliepen als we hier waren. Dan door het hek voor het weiland voor de paarden, wat Roy vorig jaar heeft geplaatst met behulp van de eco volontaires van dat jaar. Er staan nu geen dieren op. De logica ontgaat me, er worden steeds hekken en hokken gemaakt die vervolgens niet gebruikt worden, maar dat terzijde. Als je het weilandje uitloopt kom je op een klein wandelpaadje met links en rechts veel speenkruid, longkruid, grote muur en primula’s, het doet sprookjesachtig aan waardoor je alle ellende in wereld vergeet. We passeren de eik die aangeeft dat je af moet slaan, lopen langs een weiland en komen dan op een lang smal paadje omzoomd met bomen en bloemen. Je loopt dus helemaal tussen het groen, ondanks dat het pad langs weilandjes is. We steken een klein bruggetje over, tot het wandelpad ophoudt bij de school. Dit is het pad wat Luca en Mira iedere ochtend met hun ouder naar school lopen, zo’n tien minuten wandelen, tenminste, als het mooi weer is. In de winter en zeker de afgelopen periode met de regen is de auto toch fijner, al rij je dan kilometers om. Het eerste wat je ziet is links een oud complex waar personeel en docenten van de school, wonen. Daar schuin tegenover ligt een oud 19e eeuws vakantiecomplex. Een statig gebouw, een soort landhuis. Hierin is de keuken en kantine voor de kinderen en kantoren. Achter dit gebouw ligt het schoolplein wat afgekaderd is met een Gaudi achtig mozaïeken rand. De kinderen krijgen les in houten barakken, wat prima leslokalen zijn. Het complex is omgeven door bomen en er is genoeg gras waar de kinderen kunnen spelen en bouwen.

Echt een ideale omgeving om naar school te mogen gaan!

We lopen langs de barakken om via een klein paadje weer verder te gaan. Aan het eind van dit paadje ligt La Mhotte. 

De winkel is een fijn plek. Er staat een houtkachel met twee stoelen voor als je even wilt zitten met een kop thee. Er is best een goede sortering, je voelt je toch altijd in een soort van delicatessenwinkel, de goede kwaliteit, de producten die je niet in de supermarkt vindt, de sfeer, de persoonlijke benadering bij de kassa. Als we hier dan weer eens zijn vraag ik me af, waarom doen we dit niet vaker? 

Als we bij de kassa zijn en Liese, in goed Frans, aan de man achter de kassa vraagt of zij al een keer controle van de politie hebben gehad betreft het Coronavirus, besef ik dat ik het attest formulier vergeten ben mee te nemen. Ach, we zaten toch al in de fout als er controle zou zijn, want we waren met zijn drietjes en als je boodschappen gaat doen, mag je dat alleen maar in je eentje doen. We maken ons er niet druk om, we lopen nu door bospaadjes waar alleen voetgangers komen die naar La Caille/La Mhotte en naar Foyer Michael gaan. Foyer Michael is het een lerarenopleiding voor de vrije school. De school La Mhotte is ook een vrije school, wat ze hier een Waldorf/Steiner school noemen.

Met een goed gevulde zak, met natuurlijk meer dan alleen eieren, gaan we weer huiswaarts. In de avond doen we een tweede poging tot Netflix. Voordat ik het weet zitten Cedric en Alex naast me. “ Mag ik ook kijken?”. “Nou zeg ik, het is wel volwassenen televisie.” “Ja”, zegt Cedric, “dat begrijp ik wel hoor, ik ben altijd erg nieuwsgierig naar wat er allemaal te zien is.” Roy is er nog niet en hij mag even naast me op de bank zitten, onder het dekentje, want is best fris. De verbinding met Netflix duurt heel lang. Roy is inmiddels binnengekomen en zo ook Clarice. “Tijd voor bed jongens” Dus helaas pindakaas voor Cedric en Alex. We hebben nog een rustige tv avond. 

O ja, voor the record: ik zag vandaag op internet dat er in heel de Allier, wat zo groot is als Nederland, 27 mensen zijn met het Coronavirus en er 1 iemand is overleden. Dus bijna niets in vergelijking met Nederland.

Boodschappen doen in het Corona tijdperk

Eergisteravond heeft Macron de regels aangescherpt, sommige steden hebben nu een avondklok, en sporten mag alleen als je alleen bent. Het schijnt dat iedere keer als Macron de regels aanscherpt, het druk is in de supermarkt, mensen gaan nog meer hamsteren. Gisterochtend, de ochtend na de aankondiging wilde ik boodschappen doen. Ik ging met de auto van Lora en Arnold omdat dit een niet opvallend autootje is met Frans kenteken. Het was tien uur ‘s ochtends, ik reed richting Bourbon en voelde toch enige spanning. Ik had nog geen grote boodschap gedaan en dacht:” O jee, straks moet ik poepen!” en als ik moet dan moet ik ook echt. Dus nou ja, sorry voor de intimiteit, maar het is wel van toepassing op het verhaal. Ik reed vervolgens Bourbon binnen, ik kom dan eerst langs de Aldi, daar was het druk, er waren ook veel busjes. Nee, niet de Aldi, ik ga naar de naastgelegen Carrefour, dan ik meteen kijken of ik nog het oud-papier weg kan gooien en daar even naar de wc kan gaan. Ik reed het parkeerterrein op, stopte bij de TRI hoek, maar alle containers zaten overvol. Op de een of andere manier heeft de lokale overheid besloten dat recyclen niet iets is wat je doet tijdens een crisis. Ik stapte weer in de auto om de auto te parkeren. Toen zag dat er voor de ingang van de Carrefour een medewerkster op de stoep stond, ik herkende als een van de cassiere. Ze keek naar een briefje van een klant en gaf het vervolgens weer terug. Toen zag ik dat er achter de klant, nog minstens tien klanten stonden, met karretjes.Ze mochten niet naar binnen en keken verveeld en geërgerd om zich heen. Ze keken ook naar mij, omdat ik meteen weer wegreed. Zo van: ‘Rij jij maar lekker weg, maar wij staan hier!’ De cassiere dame keek er een beetje wanhopig bij: ‘Ja,ik kan er ook niets aan doen.’ Ik had t

toen wel door dat even naar de WC gaan bij de Carrefour er niet in zat en besloot niet in die rij te gaan staan, maar rechtsomkeert te gaan richting La Caille. En geluk bij een ongeluk reed er net toen ik de sortie naderde, een Gendarmerie auto het terrein op. Er was blijkbaar een controle, de mensen mochten niet naar binnen de de Gendarmerie ging daar iets doen. Misschien controleren of mensen wel daadwerkelijk een formulier hadden ingevuld? Dat zou wel kinderachtig zijn.

Ik was dus heel blij dat mijn darmen mij naar huis hadden gestuurd. Als ik daar in de rij was gaan staan, had de gendarme gezien dat ik Nederlandse was en me natuurlijk ondervraagt. En dan was het maar de vraag geweest of ik mocht blijven. Achteraf gezien, ik heb ondertussen op de website van de Nederlandse Ambassade gekeken, mag je als buitenlander wel hier zijn, als je je maar, net zoals de andere Fransen, aan de regels houdt.

Voor de zekerheid is Lotte vanmiddag voor ons boodschappen gaan doen. Heel erg lief en we zijn heel blij dat we nu voldoende eten hebben! Morgen haal ik nog wat bij de Biowinkel die je vanaf hier door onverharde groene paadjes wandelend kunt bereiken en dat zijn we veel geld minder en eten rijker!

 

Het weer is gelukkig goed, afgelopen nachten vroor het twee graden en in de ochtend was het 5 graden in de camper. Ik zet dan snel de kachel aan en we hebben afgelopen dagen nog een keramisch kacheltje erbij geplaatst om het in de avond en in de ochtend even snel warm te maken. Als het dan zo’n 14 tot 16 graden is, voelt het alsof het 20 graden is, lekker warm dus. De hemel is al twee dagen helemaal blauw, geen wolkje te zien. Dus het warm dan overdag op naar 13 graden met zon en weinig wind waardoor je met de lunch lekker buiten kan zitten. Ik heb dan wel standaard vier lagen kleding aan. Een t-shirt korte mouwen, een t-shirt lange mouwen, een wollen trui (met dank aan nicht Edith, die deze een paar maanden terug aan mij doneerde. Ik heb het idee dat ik de trui sinds dag één niet meer uit heb gedaan!) en een vest. 

Meestal loop ik dan na het ontbijt naar de gite, waar het altijd fris is en waar er wifi is, als is deze sinds de lockdown heel slecht. Vanmiddag kon ik zelfs geen email van slechts één zin verzenden. Na een uurtje of twee mails en vragen beantwoorden van klanten, ga ik da de lunch klaar maken. Vandaag vond ik het een mooie dag om de buitenkant van de camper schoon te maken.De onderste rand is van plastic en we denken dat deze al ettelijk jaren niet echt is schoongemaakt, er zit een laag algen en vuil op. Er groeien nog net geen plantjes op. Terwijl ik schoonmaak, komen Cedric van 6 en zijn broertje Alex van 2 aanlopen. Achter de camper staat namelijk een hek waar aan de kant van de camper allemaal blokken rond, nog te hakken hout opgestapeld liggen. Ongeveer tachtig centimeter hoog. Gisteren, terwijl wij in de camper aan het eten waren, heeft Cedric Alex geholpen op het hout te klimmen. En Alex vond het geweldig spannend! We hielden ze in de gaten want Alex was wat moe en wankelde af en toe op zijn benen. Hij stond daar trots op zichzelf met een speen in zijn mond en een knuffel in zijn hand, af en toe in zijn ogen te wrijven. Na een wankel moment heb ik hem er toch maar vanaf getild. Cedric vond dat onzin, want hij kon heel goed op zijn broertje letten, want hij was al 11. Ik zei nou 11 is een beetje veel he. Na lang wikken en wegen, toen hij zag dat ik het echt niet geloofde, zei hij, ok, ik ben acht. Ik zei ok, is goed. Cedric klom vervolgens in de Vederceder struik/boom achter het hek en brak de dode takjes af. Alex is zo’n ideaal kind dat gek is op schoonmaken en opruimen en raapte dus alle gevallen takjes op, om deze op een grote hoop met takken in een hoek te gooien. Een goed team! 

Vanmorgen kwamen ze dus, tijdens het schoonmaken, weer aangelopen. “Je peux monter, je peux monter!”(ik wil klimmen)  Ik stopte met soppen en hielp hem een handje, ik vond het toch een eng idee om hem alleen op die stapel te laten klimmen. Na een paar minuten was hij er klaar mee want Cedric zat ondertussen alweer in de boom. De boom is oud en ik moet goed opletten dat Cedric niet te hoog gaat en op te dunne takken gaat staan die wel eens zomaar af kunnen breken. Alex droop af. Cedric vond vele dode takjes die hij af kon breken. Ik legde de sopdoek dan maar helemaal weg en ging Cedric helpen en in de gaten houden dat hij geen levende takken afbrak. Het ging prima. Op een gegeven moment kwam hij een dikkere tak tegen die hij echt niet met zijn hand af kon breken. “Wacht, ik ben een special klein zaagje om takken af te zagen.” “ Nee”, zei Cedric, “ik wil een bijl.” Totdat ik hem de zaag liet zien. Dat vond hij wel wat. Ik twijfelde even of ik de zaag wel aan hem toe kon vertrouwen, hij stond daar in die boom en dan ook nog zagen. Na wat instructies van mijn kant, ging het echter prima en zo heeft Cedric al spelend toch maar mooi al dat dood hout uit de Vederceder gehaald. Ondertussen was Alex weer terug. Het takkenwerk was klaar en ging verder met schoonmaken. En natuurlijk hielp Alex mij mee totdat hij enkele minuten later weggeroepen werd. “ Alex maman tu t’appeler, tu doit rentré”. (Alex, mama roept je, j moet terugkomen.) Het fijne is, dat door de tripjes de afgelopen twee jaar mijn Frans vooruit is gegaan en ik nu mooi gesprekken met de kinderen kan hebben en ik nu ook de spreektaal leer. Zo betekent ‘ordi’, ordinateur (computer) en ‘pyj’ is kort voor pyjama. 

Cedric en Alex zijn de kinderen van Clarice en Martin, ze wonen net als wij in een camper, alleen hebben wij een originele camper en zij een verbouwde bus, ofwel camion. Ze zijn net een paar dagen voordat wij hier kwamen op La Caille aangekomen. Ze hadden drie maanden een huis in de buurt, maar besloten rond te gaan trekken met een camper. De eerste week verbleven zij in een kamer in de gite, met het plan om de laatste hand aan de campervan te leggen en  daarna verder te trekken. Maar toen kwam de lockdown. Nu slapen ze in hun wagen en eten en koken en douchen ze in de gite. Ze zijn nu officieel Woofers. Ze maken de gite schoon en houden het groen bij rond de gite. Hun kinderen spelen heel de dag op La Caille. Heel soms speelt Cedric ook met Luca en Mira, de meiden van Lora en Arnold. Maar dat is niet echt een goede match. Cedric is erg fysiek en weet wat hij wil en is eigenzinnig, Luca weet ook wat zij wil en is ook eigenzinnig, beetje dezelfde karakters. 

 

Voor de lunch bereidde ik een Indiase groentesoep met de King Masala kruidenmix die ik in Rotterdam had gekocht. Flink wat komijn en fenegriekblad erbij et voila, India! In de soep nog het laatste stukje van de Turkse peynir (romige feta), ook nog uit Rotterdam, een flinke hand pompoenpitten, gekookte quinoa en cashewnoten gebakken in kokosolie. 

Rond twee uur ‘s middags gaan we lunchen en Roy had heel de ochtend geschuurd en geschilderd dus de soep ging er goed in. Hij voegt dan ook nog Surinaamse aardappelchutney toe, een sambal met aardappel en madame Jeanette. 

Na de lunch beitste en repareerde hij nog een houten bank en zo vliegen de dagen voorbij. 

De komende week schijnt het wel kouder te worden, 5 graden overdag! Dat betekent niet schilderen en ook geen tuinwerk. We moeten zuinig zijn op onze LPG omdat we niet kunnen tanken, daarvoor moeten we naar Moulins en dat is toch een risico. 

In de ban van de kroon

Vanaf 12:00 uur vandaag mag je in Frankrijk niet meer de weg op zonder een geldige reden. Deze redenen zijn geformuleerd op een attest, een formulier waarop je kunt aankruisen wat je gaat doen. Le Attestation de déplacement dérogatoire.

Op la Caille merk je daar weinig van, we zitten op het platteland en la Caille heeft 14 hectare eigen grond. Door de ernst van de zaak, zit iedereen wel op zijn eigen eiland. We leven hier nu met vier stellen waarvan twee met kinderen. We spreken elkaar haast niet. Iedereen moet wennen aan de nieuwe situatie, hoeveel afstand moet je houden? 

Als ik de volgende ochtend naar de gite ga en Martin, de man van het stel in de gite, tegenkom, zie ik dat hij maar uit voorzorg zijn trui voor zijn mond houdt.

Dinsdag is ook het weer opgeklaard, de regen lijkt eindelijk uit de lucht. Het is zo’n 15 graden en we genieten van het zonlicht. ‘s Avonds genieten we van een kampvuur, iedereen bakt pannenkoeken, de honden proberen wat eten te pikken, we zingen, en de Liese blijkt heel leuk gitaar te spelen. Er zijn ook nog twee kleine djembe’s naar buiten gebracht en Cedric de zoon van Martin en zijn vrouw Clarice speelt er op los.

De volgende ochtend vertrekken Sophie en Birit weer naar Duitsland. De Franse grenzen zijn dicht, maar je mag wel terug naar je eigen land.